Wie bij het ingaan van de wintertijd komend weekend de klok een uur terugdraait, doet er goed aan de BHV-koffer bij de hand te houden. Het RIVM luidde onlangs de noodklok. Het tweemaal per jaar verzetten van de klok geeft diverse gezondheidsrisico’s. Het tweemaal per jaar verzetten van de klok veroorzaakt volgens de onderzoekers slaapgebrek en vermoeidheid. De ambtenaren zijn er na onderzoek ook van overtuigd dat direct na de wisseling naar de zomertijd meer hartinfarcten voorkomen.

Bioritme

De onderzoekers menen dat deze zorgwekkende effecten uitblijven als het hele jaar een vaste tijd geldt. Ze kiezen daarbij voor de wintertijd als standaard. Dan komt de zon vroeger op, hetgeen volgens de RIVM-deskundigen het beste aansluit op het bioritme van de mens.

Zomertijd en Wintertijd

Voor onze gezondheid is het twee keer per jaar wisselen van de tijd dus niet zo’n goed idee. Maar het is vooral de wisseling. Daylight Savings Time, zoals het ook wel genoemd wordt, is ingevoerd in 1977. De achterliggende gedachte was: als het ’s avonds langer licht is, hoeven de lampen minder vroeg aan en dat bespaart energie (dit was ten tijde van de oliecrisis). Dat idee is nu wel achterhaald: we doen de lampen (die inmiddels veel minder energie kosten dan de ouderwetse gloeilamp) misschien wat later aan, maar de airco en verwarming worden juist eerder aangezet en draaien een groter deel van de dag – en dat kost veel meer energie dan die paar lampen!

Het nationale welzijn is gebaat bij een continue wintertijd

Kiezen

Om te begrijpen wat we het beste kunnen kiezen, gaan we terug naar de biologische klok én naar de tijdszones. De tijdszones zijn zo opgesteld dat in het midden van de tijdszone de zon om twaalf uur op haar hoogste punt staat. Voor ons is dat eigenlijk een uur eerder dan de wintertijd die we nu hanteren. Dat komt omdat de Duitsers tijdens de tweede wereldoorlog besloten dat alle bezette gebieden mee moesten met de Midden Europese Tijd, een uur later dan de Amsterdamse Tijd die we daarvoor hanteerden. Sindsdien ligt ons land in een zone die qua locatie eigenlijk niet klopt. In de praktijk betekent dit dat de zon hier ’s winters gemiddeld pas om 12.40 uur op zijn hoogst staat. In de zomertijd is het verschil met de ‘natuurlijke tijd’ nog groter, omdat de klok een uur vooruit wordt gezet. Dan staat de zon niet om 12.00 uur op zijn hoogst, maar rond 13.40 uur. Biologisch gezien klopt onze tijd dus sowieso al niet, maar als we permanent voor zomertijd zouden kiezen, zitten we bijna 2 uur buiten onze ‘echte’ tijdszone. Een permanente zomertijd betekent ook dat het hier hartje winter pas om 9.45 uur licht wordt.

Met een permanente wintertijd is het hier in de zomer dus een uurtje korter licht – de zon gaat dan onder rond 21.00 uur op de langste dag, maar de zon komt in de winter, net als we nu gewend zijn, op om iets voor 9.00 uur in de ochtend. Wintertijd heet overigens niet voor niets standaardtijd: dat is wat we hier al hadden, en de zomertijd is daarbij gekomen. Wintertijd is dus onze ‘echte’ tijd. Volgens chronobiologen zou het zelfs beter zijn om nog een uur eerder dan standaard tijd, namelijk op GMT (Greenwich Mean Time) te leven in Nederland.

Het is niet te verwachten dat de EU-landen dit jaar een besluit nemen over het afschaffen van de winter- en zomertijd. Lidstaten zijn sterk verdeeld over de kwestie. En – aangezien alle landen zélf mogen kiezen – moeten we straks stemmen voor permanente zomertijd of permanente wintertijd?

Zomertijd, wintertijd of één permanente tijd: wat is beter?

Moet de wintertijd als de standaard worden gehanteerd?

Bekijk resultaten

Laden ... Laden ...

Over de auteur

Paul Pultrum, Timeblog.nl. Dataspecialist met ruim 20 jaar ervaring, expert op het gebied van marketing, communicatie en wet- en regelgeving.